Veel ondernemers beginnen bij de website. Dat is begrijpelijk: een site is zichtbaar, je kunt er klanten mee binnenhalen en een webbouwer kan snel aan de slag. Toch loopt zo’n project vaak vast op vragen die eigenlijk niets met webdesign te maken hebben. Welke kleur is de hoofdkleur, welk lettertype hoort bij het bedrijf, hoe ziet het logo eruit op een donkere achtergrond.
Als die vragen tijdens het bouwen beantwoord moeten worden, beslis je onder tijdsdruk en op basis van één medium. Het resultaat is een website die er op zichzelf prima uitziet, maar niet aansluit op je offertes, visitekaartjes of bedrijfsbus. Wie eerst de huisstijl vastlegt, voorkomt dat.
Wat een huisstijl vastlegt
Een huisstijl is meer dan een logo. Een volledige set bestaat meestal uit een logo in meerdere varianten (liggend, staand, alleen beeldmerk), een kleurenpalet met exacte waarden in HEX, RGB, CMYK en vaak Pantone, één of twee lettertypes met regels voor koppen en lopende tekst, en voorbeelden van toepassingen. Die toepassingen zijn bijvoorbeeld briefpapier, een e-mailhandtekening en een sjabloon voor social media.
Voor een webdesigner is vooral het kleurenpalet waardevol. Een goed palet bevat naast een of twee hoofdkleuren ook neutrale tinten voor achtergronden en tekst, en een accentkleur voor knoppen. Zonder die afspraken kiest de designer zelf, en dan krijg je een website met een eigen kleurenwereld.
Waarom de volgorde zoveel scheelt
Een website is een van de meest technische toepassingen van je merk. Lettertypes moeten als webfont beschikbaar zijn en snel laden. Kleuren moeten genoeg contrast hebben voor leesbaarheid; voor gewone tekst wordt in de WCAG-richtlijnen een contrastverhouding van minimaal 4,5 op 1 aangehouden. Het logo moet scherp blijven in een navigatiebalk van 60 pixels hoog en als favicon van 32 bij 32 pixels.
Als de huisstijl er al is, kan een designer daar direct op toetsen. Blijkt de hoofdkleur te licht voor tekst op wit, dan los je dat op met een donkerdere variant binnen hetzelfde palet. Merk je dat pas na de lancering, dan moet je vaak de huisstijl achteraf aanpassen en alles wat al gedrukt is opnieuw laten maken.
Ook het budget profiteert. Een webbouwer die met een vastgestelde stijlgids werkt, hoeft minder ontwerprondes te doen. De discussie over kleuren en vormen is al gevoerd, dus de tijd gaat naar structuur, teksten en gebruiksgemak.
Hoe je het aanpakt
Start met een korte briefing voor de huisstijl: wie zijn je klanten, welke concurrenten wil je je van onderscheiden, welke toon past bij je bedrijf. Een ontwerpbureau zoals Kraakmakend werkt van zo’n briefing toe naar een complete huisstijl met logo, kleuren, typografie en toepassingen. Vraag bij de oplevering om een stijlgids als pdf en om de bronbestanden in vectorformaat, zoals SVG of EPS.
Heb je nog helemaal geen logo, begin dan daar. Een logo is de basis waaruit kleuren en vormtaal voortkomen. Op kraakmakend.nl lees je hoe zo’n ontwerptraject voor een logo verloopt. Laat het logo in elk geval testen in zwart-wit, op klein formaat en op een donkere achtergrond.
De overdracht naar de webbouwer
Geef je webbouwer de complete stijlgids en dus meer dan het logo. Vermeld welke lettertypes je gebruikt en of de licentie webgebruik toestaat; bij betaalde fonts is dat niet altijd automatisch inbegrepen. Lever beelden aan die passen bij de stijl, of spreek af welke soort fotografie gebruikt wordt.
Een goede webbouwer vertaalt de stijlgids naar vaste componenten: knoppen, formuliervelden, kaarten en koppen in een vaste hiërarchie. Daardoor blijft de site ook consistent als je over twee jaar nieuwe pagina’s toevoegt.

